Hofjes en het overheidsbeleid
> Knarrenhof Gouda
Afgelopen maand werd bekend gemaakt dat het kabinet de komende 4 jaar 420 miljoen extra beschikbaar stelt voor de bouw van 75.000 ouderenwoningen: “De Nederlandse bevolking vergrijst en een toenemend aantal ouderen wil graag verhuizen naar passende woonruimte, zoals nultredenwoningen, zorggeschikte huizen, of seniorencomplexen (knarrenhofjes) waar ouderen elkaar ontmoeten in gemeenschappelijke woonruimten.”
Minister Boekholt-O’Sullivan: “Veel ouderen staan te popelen om te verhuizen, maar zitten klem omdat passend aanbod ontbreekt of omdat het financieel niet aantrekkelijk is. Er wordt flink gebouwd, maar het tempo moet verder omhoog. Net als het aantal nieuwbouwplannen voor ouderen. Daarom trekken we nu de knip zodat woningzoekende senioren meer perspectief krijgen en de doorstroming op de woningmarkt op gang komt.”
Dat lijkt goed nieuws, maar het staat of valt met de vraag of er voldoende initiatieven op dat gebied komen. Voor projectontwikkelaars en corporaties lijken zo’n specifieke woonvormen niet altijd aantrekkelijk; zij bouwen liever standaard rijtjeswoningen. Dat betekent dat het initiatief misschien uit andere organisaties moeten komen. Dat kan ook in de vorm van Collectief Particulier Opdrachtgeverschap (CPO) of nieuw op te richten corporaties.
Maar dat kost vaak veel tijd. De meeste oude hofjes zoals we die in Haarlem kennen, zijn ooit gesticht vanuit liefdadigheid. Maar we moeten in de huidige tijd breder kijken en creatiever worden.
En daarnaast moeten veel van de bestaande hofjes onderhouden, gemoderniseerd en verduurzaamd worden; de gemeente heeft als doel om in 2040 volledig aardgasvrij te zijn, en dat betekent om te beginnen dat verduurzaming van alle gebouwen snel noodzakelijk is. In een monumentale stad is dat erg ingewikkeld; het heeft grote invloed op het uiterlijk van gebouwen en op de inrichting van de openbare ruimte.
Tijdens de voorjaarsvergadering van de Stichting Haarlemse Hofjes (SHH) hebben we daarover presentaties gekregen van gemeente en van specialisten; in vervolg daarop heeft het bestuur van SHH op 12 augustus een bespreking gehad met de adviseurs van de gemeente die studies en scenario’s moeten maken voor die verduurzaming. Voor hen zijn de hofjes een bijzonder onderdeel van die studies.
Voor veel hofjes lijkt het moeilijk haalbaar om te investeren in verduurzaming. Maar het begint met het maken van een Meer Jaren Onderhouds Plan waarin die verduurzaming geïntegreerd wordt (MJDOP).
En er is een mooi initiatief van het bestuur van Codde en van Beresteyn om te kijken of zij hofjes die daarvoor niet de reserves hebben, kunnen ondersteunen bij de financiering.
Nu nog kijken op welke wijze de gemeente daadwerkelijk kan helpen.
Joop Slangen, oud-stadsarchitect